Thomas Doyle is niet zuinig met zijn kritiek op hoe de kerkleiding omgaat met het schandaal van seksueel misbruik. ‘De kerk lijdt aan een giftige narcistische klerikale spiritualiteit.’ Op 13 december 2011 pleitte de Amerikaanse dominicaan voor onverdeelde aandacht voor de slachtoffers, in een lezing bij het Soeterbeeck Programma van de Radboud Universiteit Nijmegen.

Aan het einde van de avond, de meeste bezoekers zijn al weg, praat een vrouwelijk slachtoffer van seksueel misbruik met Thomas Doyle. Hij grijpt haar handen. ‘Blijf je uitspreken, blijf van je laten horen’, moedigt hij haar aan, en omhelst haar ten afscheid.

Klokkenluider
Doyle is kerkjurist en klinisch psycholoog. Hij werkte begin jaren tachtig van de vorige eeuw op het secretariaat van de Vaticaanse Ambassade in de Verenigde Staten en zag er in 1984 de eerste meldingen binnenkomen van seksueel misbruik.
In 1985 publiceerde hij een rapport met een voorstel voor een aanpak. De Bisschoppenconferentie wilde het niet gezamenlijk bespreken en schoof het door naar de afzonderlijke bisdommen. Met de aanbevelingen is niets gedaan.
Sindsdien geldt Doyle als een klokkenluider, die onvermoeibaar opkomt voor de slachtoffers en scherpe kritiek uitoefent op het kerkelijk leiderschap. Hij sprak met meer dan duizend slachtoffers en publiceerde tal van boeken en artikelen, waaronder het veelbesproken Sex, Priests and Secret Codes (2006).

Dominicaan
In 2004 ontsloeg zijn aartsbisschop hem als kapelaan bij de Amerikaanse luchtmacht. Doyle woont en werkt in Chicago, in een stadsparochie waar veel alcoholverslaafden en slachtoffers van seksueel misbruik komen.
Doyle heeft als dominicaan een vrije positie en zegt altijd volledig te zijn gesteund door zijn orde. ‘Verschillende bisschoppen hebben mijn provinciaal overste gebeld om hem te vragen mij het zwijgen op te leggen’, vertelde hij. ‘Zijn antwoord was: “Dat doe ik niet, maar u mag hem best zelf bellen”. Dat is nooit gebeurd. Ik ben daar trots op. Voor zover ik weet heeft de orde ook meestal correct gereageerd op gevallen van seksueel misbruik in eigen kring.’
Een voordeel van de dominicaanse spiritualiteit is volgens Doyle de principiële en democratische gelijkheid van de leden van de orde. ‘Ons werd geleerd: wees aardig voor iedereen op je weg naar de top, want je gaat ze weer tegenkomen als je op weg terug bent’, zei hij met een lach.

Geestelijke schade
Het was bijzonder voor Doyle om te spreken aan een katholieke universiteit als die van Nijmegen. In de VS is hij persona non grata aan katholieke instellingen. Dat de Nijmeegse universiteit daarnaast het intellectuele thuis was van Edward Schillebeeckx deed hem goed, zei hij aan het begin van zijn lezing. ‘Met name zijn boek over sacramentele theologie heb ik destijds ervaren als een straal licht. Meer dan veertig jaar later kan ik zeggen dat zijn theologie mij diepgaand beïnvloed heeft.’
Ondanks zijn onderzoek en publicaties is Thomas Doyle allereerst een pastor. ‘Ik ben tevreden als mijn woorden maar één persoon raken die zich durft uit te spreken en zich bevrijdt van de schande en schaamte die zijn leven bepalen.’
Doyle legde de nadruk op het spirituele leed die het seksueel misbruik veroorzaakt. ‘De kerkleiding heeft nergens ter wereld iets gedaan aan de geestelijke verwoesting bij de slachtoffers. Ze hebben soms psychotherapie aangeboden, maar ze hebben geen pastorale aandacht voor hun spirituele leegte.’

Donker
Volgens Doyle zijn er veel donkere perioden geweest in de kerk, maar is er geen zo duister als deze. ‘Kinderen en jonge mensen zijn de kwetsbaarsten onder het volk van God. Wat het misbruik nog duisterder maakt is de systematische reactie van de kerkelijke leiding. We hebben het niet over incidenten, maar over een fundamentele zwarte kant van de klerikale wereld, die terecht de grootste verbazing en woede wekt bij het publiek.’
Die zwarte kant is gelegen in de klerikale spiritualiteit waarin alle macht in handen is van celibataire gewijde mannen, die geloven dat de kerk gefundeerd is door God zelf. Doyle: ‘De regels van het instituut zijn vergoddelijkt en de bisschoppen en priesters representeren Christus. Alsof priesters ontologisch andere wezens zijn. Dat zorgt voor een emotioneel onvolwassen, narcistische en egocentrische levenshouding.’
‘Katholieke leken wordt geleerd hen te vertrouwen en dociel te zijn. Dat maakt het misbruik nog gruwelijker. Veel slachtoffers kregen het gevoel zelf schuldig te zijn en straf te krijgen van God, omdat zijn vertegenwoordiger hen pijn deed.’

Tijd
Uit onderzoek blijkt dat het gemiddelde slachtoffer van seksueel misbruik door priesters en religieuzen twaalf jaar is, en dat het gemiddeld dertig jaar duurt voor zij zich durven uit te spreken.
Doyle: ‘Als ze al iets durfden zeggen, geloofden hun ouders hen vaak niet. Want een priester doet zoiets niet. Als de ouders hen wel geloofden, geloofde de gemeenschap hen vaak niet. Bij de kerkelijke leiding vingen zij bot en werden priesters die de fout ingingen overgeplaatst. Daarmee heeft de kerkelijke leiding de mensen verraden.’
‘Dat patroon gaat door tot het hoogste niveau. Honderden slachtoffers schreven destijds brieven naar Johannes Paulus II. Hij heeft hen nooit ontvangen of zelfs maar een antwoord gestuurd. Nog steeds is geen enkele bisschop persoonlijk verantwoordelijk gesteld of gedisciplineerd. De Heilige Stoel geeft nog steeds de voorkeur aan wat ze een “broederlijke correctie” noemen. Dat betekent waarschijnlijk dat ze samen een borrel drinken.’

Ik heb spijt
Veel slachtoffers kampen de rest van hun leven met psychische schade. Daarnaast durven ze vaak geen kerk meer in, ook niet bij familiefeesten of een begrafenis. Hun geloof in God zelf is vaak ook aangetast of verdwenen. ‘Iemand zei me: “Hoe kan ik geloven in een God van wie een priester een achtjarig jongetje anaal verkracht – week na week na week?”’
Doyle heeft al vaak zijn verontschuldigingen aangeboden. ‘Bisschoppen zeggen wel: “Het spijt ons dat u dit is overkomen”. Ik zeg: “Ik heb spijt dat wij jou dit hebben aangedaan”. Want zo is het, ik ben ook een priester en medeverantwoordelijk voor de kerkelijke cultuur van misbruik en damage control.’

Alcohol
Thomas Doyle is een alcoholverslaafde die al meer dan twintig jaar droog staat, vertelde hij. Bij de Anonieme Alcoholisten, een Amerikaanse zelfhulpformule, leerde hij wat er belangrijk is in de pastorale omgang met slachtoffers: ‘Aandacht zonder oordeel, volledige aanvaarding van jezelf en de ander, en het vertrouwen dat je samen elkaar tot steun kunt zijn.’
Voor de Amerikaanse dominicaan is zijn werk onder de slachtoffers een zware spirituele tocht geworden. Inmiddels spreekt hij liever niet meer over God omdat het woord zo beladen is geworden, maar kiest hij voor ‘een hogere macht’ die liefde is. Doyle blijft vertrouwen op de basis van de kerk. ‘Dat is het lichaam van Christus: mensen die voor elkaar zorgen. We hebben geen feodale macht nodig in de kerk, alleen maar mensen met liefde in hun hart.’

Waarschuwing
Doyle ziet de narcistische cultuur weer terugkomen in de priesteropleidingen. De klerikale cultuur die doet alsof priesters geen gewone mensen zijn is in de kerk springlevend, tot in Rome toe. ‘Het is een parallel universum waarin bizarre dingen gebeuren. Als een bisschop een priester beschermt die kinderen verkracht, gebeurt er niets. Maar als hij zegt dat vrouwen priester moeten worden omdat er te weinig priesters zijn en de mensen Eucharistie willen vieren, wordt hij ontslagen.’
De hoop komt van onderop en van het tanende aanzien van de kerk in de samenleving. Daarom moedigt Thomas Doyle slachtoffers aan zich uit te spreken en rechtszaken aan te spannen. ‘En hoe meer geld je vraagt, hoe meer aandacht je krijgt van de kerk en de samenleving.’
Dat het aanzien van de kerk taant is te zien in de rechtbanken die kritischer zijn geworden, en in de reactie van overheden, zoals de zeer scherpe reactie van de Ierse premier Enda Kenny deze zomer aan het adres van het Vaticaan. Ongekend, vond Doyle.

Advies
Soms wordt Doyle om advies gevraagd hoe met de slachtoffers van seksueel misbruik om te gaan. ‘Tegen kerkelijke functionarissen zeg ik: wees jezelf. Wees een christen. Ga naar de slachtoffers en hun families toe en luister, net zo lang als nodig is.’
‘Lokale kerken kunnen slachtoffers uitnodigen om zich uit te spreken. Ze kunnen naar hen luisteren en hen behandelen met zorg en liefde. En ze moeten bij hun kerkelijke leiding vragen en blijven vragen om gerechtigheid en transparantie. Want de slachtoffers zijn de belangrijkste mensen in de kerk.’

Tekst en beeld: Arjan Broers. Gepubliceerd op www.dominicanen.nl op 12 december 2011